De Staatse cavalerie

De sterkte van de cavalerie bij de veldlegers kon op 1/3 tot 1/5 van het totaal gesteld worden. In 1600 bedroeg het Staatse leger 25 vanen ruiters en 128 compagnies voetvolk (dit komt overeen met 1/5). Net als bij de Staatse infanterie bestond er bij de Nederlandse cavalerie geen blijvend regimentsverband. Net als bij het voetvolk werden er buitenlandse strijdkrachten aangeworven voor bepaalde veldtochten. Prins Maurits voerde een belangrijke verandering uit bij de cavalerie. Hij schafte de lans af in 1597.