De haakbus

De haakbus of roer, verleende zijn naam ofwel aan de haak die aan de onderzijde van de loop was bevestigd om de terugstoot op te vangen, ofwel aan de haakvormige trekker. Het is een tegen beweegbare doelen bruikbaar vuurwapen. Op de meeste haakbussen kwam een vizierinrichting voor. Kenmerkend aan dit wapen is de naar beneden gebogen kolf. Bij gebrek aan kruitmaten moest de grootte van de kruitlading door schatting bepaald worden. De gelijkmatigheid van de dracht en de juistheid van het schot waren dan ook niet optimaal. De jonge, ongeoefende krijgslieden begonnen dikwijls hun loopbaan bij de haakbusschutters. Ze kregen al vlug de titel van "ongeregelde infanterie" opgespeld. De haakbusschutter werd minder betaald dan de musketier en piekenier, terwijl hij ook zijn munitie zelf moest betalen.